Echt, ik eet liever een kiwi

2 messen
1 telefoontje
1 dakgoot
1 paraplu die de naam nog wel draagt maar geen plu meer is
1 schoenlepel
5% chipszakken
4% koekpakken
4% broodzakken
30% blikjes met en zonder drank, energy, bier en andere rommel
20% blikjes met en zonder deuk
25% flesjes van glas, flesjes van plastic
1% sigarettenpeuken
1% verpakkingen van bierblikjes
1 doos van de soepstengel
1 doosje van plastic waar de kruidenkaas uit was gelikt
1 vork
1 klavertje vier, krassen, krassen, krassen.
1 zwemband, een hele grote

Vandaag, Nationale Opschoondag in Nederland. In de aanloop naar de grote dag was er overleg en planning en een idee. De wethouder werd uitgenodigd, de ambtenaren met het afvalpakket in hun portefeuille, raadsleden, statushouders en niet statushouders, buurtbewoners, inwoners, vrijwilligers, klein en groot, iedereen werd uitgenodigd, niet iedereen kwam. Daar mag ik niets over zeggen maar ik doe het toch. Mij is geleerd dankbaar te zijn met wat op mijn pad komt en als het niet voldoet aan de verwachtingen dan is dat jammer maar zo is het. Het is ook zo. Dat ik mijn mond erover moet houden. Maar ik doe het niet. Want, zwerfafval staat op nummer 1 in de top drie van ergernissen. Alleen, dan, als het erop aankomt, als we op de landelijke opschoondag in Nederland nog geen 0,000001 % mensen in beweging krijgen voor 100% zwerfafval. Ja, dan vind ik dat ik iets mag vinden. Op mijn eigen log ook nog eens.
Niet doen, niet doen. Er zijn vandaag honderden mensen erop uitgetrokken om, gewapend met prikstok, afvalzak en handschoenen, zwerfafval aan te pakken. Misschien waren het wel duizenden. En met al die duizenden mensen hebben we de wereld weer een beetje mooier schoner gemaakt.

De twee messen waren er echt niet op eigen gelegenheid gekomen. J. had ze meegenomen uit de keuken van P. Niemand die ze mist dacht J. nog. Boodschapjes gedaan bij de plaatselijk super, wel rot dat je nu 10 cent moet betalen voor de plastictas, maar vooruit, het is niet anders. Kruidenkaas, soepstengels, witte bolletjes en flink wat bier in blik rolt voorbij de kassa zo de tas in. Bij de klantenservice nog snel een klavertje vier scoren en dan… Hup, naar de vrienden. Samen drinken en eten. Blowtje roken en verder vooral veel zwammen. Zwemmen, ook zoiets. Tegenwoordig leert iedereen dat zo’n beetje, maar toen jij 6 was had je geen zin om het te leren dus uit voorzorg heb je maar een zwemband van huis meegenomen. Wist jij veel dat het ding lek was. Weg ermee. En die schoenlepel van je vader die zo handig leeg om een gat mee te graven valt ook zwaar tegen. Die kan ook op de bult. De chips en soepstengels zijn ook zo op, niks aan zoveel rommel, weg ermee. Om over al die blikjes maar niet te praten. Die kan je ook opblazen met vuurwerk. Leuk joh! Blikje hier, scherfje daar, peukje hier, plasticflesje daar. En voor je het weet is het donker en moet je nog een slaapplek zoeken. De dakgoot doet goed dienst… de telefoon is leeg.
Weg ermee, weg ermee, weg ermee!

Zo, nu weet iedereen ook gelijk hoe al die bagger in de natuur terecht komt.

Eigenlijk eet ik liever een kiwi en laat ik een dagpauwoog opwarmen in de zonneschijn.
Maar dat terzijde.

Note to myself: Volgend jaar alle scholen persoonlijk uitnodigen. Kinderen willen namelijk wel. Ouders moeten altijd boodschappen doen of hebben andere plannen.
Note 2: stug volhouden

Fladderen

Een mevrouw in een rolstoel probeert een draai te maken bij het stembureau, de zon schijnt, ik hoor de vogels voorjaarliedjes zingen.
Er fladdert iets door de lucht en ik probeer het te volgen. ‘Wat fladdert daar nu?’, zeg ik tegen de blauwe lucht.
‘Er fladdert niks’, zegt de mevrouw in de rolstoel.
‘Er fladdert niks. Je hebt zeker ook op de PVV gestemd’, komt er kort achteraan. Ik kijk haar aan, ze moet van mijn gezicht kunnen lezen dat ik walg van die aanname.
‘Nee, zeg ik, nu niet en anders ook niet. Ik word misselijk van de PVV.
‘Het zijn rare tijden’, zegt de mevrouw in de rolstoel, ze is oprecht bezorgd, eerder bang. Ze is de jongste niet en is toch gaan stemmen en hoopt dat iedereen gaat stemmen maar niet op de PVV.

‘Het zijn rare tijden’, zeg ik

‘Fijne dag nog!’

100-100-100

Nog een dikke maand en dan gaat het project 100-100-100 in mijn woonplaats van start. 100 gezinnen, 100 dagen, 100% (rest)afvalvrij. Nog een dikke maand kan ik verzinnen wat ik er nu al aan kan doen. Minder afval van alles. Al jaren lees ik erover. Het zijn vooral vrouwen die zich hiermee bezig houden, tenminste dat denk ik. Ik zie weinig mannen schrijven over minder afval. Maar vrouwen daarentegen zijn er best druk mee. Die bedenken de meest leuke dingen om met nog minder afval thuis te komen. Want minder afval mee naar huis nemen betekent ook dat de afvalbakken minder snel vol raken. Vanaf het begin dat ik me aangemeld heb denk ik er al over na. Wat kan anders, alweer meisjes die het verzinnen. Ik denk na en weet zeker dat ik nog meer na ga denken en lezen.

Wat heb al geleerd in de afgelopen jaren.
Makkie, ik haal de groentetas met biologische groente en biologisch fruit. Allemaal in een papieren tas die ik altijd keurig opvouw en als er een stapeltje ligt neem ik het weer mee zodat ze niet iedere keer een nieuw tasje voor mij hoeven te pakken. Ik kan vast wel 10 x met een tasje doen! Oh, en in de groentetas geen plastic. Lukt niet altijd want taugé of kiemgroenten in een papiertje, het lijkt nog niet te kunnen. Na jaren gebruik van wasmiddel uit een plasticfles ben ik weer terug bij de grote kartonnen verpakkingen met waspoeder. Mijn ervaringen met de vloeibare wasmiddelen, ik vind ze steeds viezer in de wasmachine en ook al worden de verpakkingen steeds kleiner en hoef je steeds minder te gebruiken, het wordt duurder en duurder en ook al zoek ik de meest geschikte soort om het milieu te sparen, het werkt niet meer. Ik ben er klaar mee. Dus, wasmiddel uit een karton. Wat dat gaat worden moet ik nog verder uitzoeken. Het milieu sparen kan hier ook mee. Op alle vlakken, lees maar verder via de link.
Brood, ook zoiets. Dat wordt hier in het gezin goed gegeten en wat overblijft.. plastic. Ook dat kan anders en gaan we proberen. Ongesneden brood mee naar huis nemen, het blijft langer vers en de verpakking… die kan ik zelf maken! Misschien maak ik er wel 50 en wil jij er ook twee!
Waxinelichtjes, wat overblijft, een aluminium cupje. Toch kan het anders! Want veel mensen hebben zich het hoofd al over gebroken (niet letterlijk hoor)
Wattenstaafjes, ook zoiets. In ieder huishouden wel te vinden en werkelijk, als je daarover gaat lezen kom je de meest bizarre dingen tegen. Dat mensen ze dus in het toilet kieperen na gebruik. Sorry hoor, het gaat mij al snel te ver, en in dit geval zou ik de mens erachteraan spoelen. Zoiets verzin je toch niet.
Maar ook hier is al heel lang over nagedacht, het is natuurlijk al jaren een ding en het ding wordt steeds groter omdat we allemaal bewust worden van het feit dat het zo niet langer kan. Wattenstaafjes in huis halen. Nee, ik heb geen aandelen, maar er zijn dus wel mogelijkheden om het anders te doen. Ze zijn er! En dan nog eens ‘wat je niet in huis haalt, hoef je ook niet weg te gooien’. Trouwens, als we allemaal bedenken dat we bepaalde dingen niet meer kopen omdat het domweg slecht is voor het milieu, dan gaat degene die het maakt ook eens achter de oren krabben. We hoeven echt niet altijd dat te pakken wat vooraan in de schappen ligt, we mogen heel goed nadenken! De consument is de koning.

We kregen het in het gezin over chips… en koffie (Ik zie dan de verpakkingen… dat snap je al)

Eigenlijk heb ik heel veel zin om met een groep mensen aan de slag te gaan en zo te kijken wat nog beter kan. Lijkt me de uitdaging meer dan waard.

Dromen #hoedan

GW droomt misschien ook wel. #hoedan, zou ik willen zeggen. Hoe dan GW, hoe droom je? Met je ogen dicht of juist met je ogen open? En als je droomt, hoe dan? Zijn het enge dromen van achtervolgers die proberen om jou pootje te haken? Of dat ze jou willen kielhalen? Of droom je dan over de Efteling en de liefelijk pratende bomen en fantasierijke kabouters (vergeef me als het niet waar is, ik ken de Efteling echt niet). Droom je over het rode pluche of over een gewone dag in het leven. Verlost van al die beveiligers die toch niet zijn wat je had gedacht. Nu ben je boos en nog meer dan boos want potverdorie wat heb je aan al die beveiligers die de gewone burger voor jou betaalt. Misschien is het een idee om eens te kijken waar het vandaan komt dat jij zoveel mensen om je heen hebt lopen die jou lijf moeten beschermen. Misschien moet je gewoon eens een baan als een kapper nemen, knippen en scheren. Gewoon, in een gewone barber. Nee, geen barbarij, maar een salon waar keurige heren hun keurige baarden laten modelleren. Een gladjakker als jij zou het daar goed doen. En je zou de gemeenschap heel wat minder geld kosten. Waar droom jij van GW. #hoedan

Nee, ik droom niet over GW. Ook niet over die andere blonde kokosmakroon. Eigenlijk droom ik ’s nachts niet echt. Toen de kinderen klein waren wel, ik droomde iedere nacht dat ik ze de volgende dag zou laten vallen. Gewoon laten vallen omdat ze uit het bad zo glad waren. Ik heb ze nooit laten vallen. Letterlijk en figuurlijk niet. Misschien heb ik ze wel eens vals beschuldigd van iets wat ze echt niet gedaan hadden. Maar ja, boosheid vertroebelt de blik. Ook bij je eigen vlees en bloed. Kom ik weer bij GW. Hij is ook boos. Zijn hele leven lang al. Boos op iedereen en daarom vertrouwt hij niemand. Achteraf heeft hij ook gelijk natuurlijk. Marokkanen zijn niet te vertrouwen. Ook al zijn ze het maar half.

Als ik droom is het meestal dagdromen, wegdromen na het schrijven van iets. Wegdromen bij een zee, een schelp een zandkorrel. Wegdromen bij mijn kinderen, kleinkinderen. Wegdromen bij een kaart, een zin, een woord. Ja, ik ben een dagdromer pure sang. Ik kan er tijd mee vullen. Zitten staren naar iets, mond een beetje open en dromen maar. Dan houdt iemand een verhaal, ik hoor een mooi woord en dat woord gaan aan de wandel met mijn gedachten. Weg aandacht bij het verhaal. Blijkbaar hoor ik de steekwoorden en droom lekker verder.

Ik denk eerlijk gezegd dat GW ook lekker verder droomt over zijn A4tje aan maatregelen. #hoedan

Het is tijd om een brood te halen anders is er straks niks te eten. Ik bedoel maar, dromen is leuk maar er moet wel wat gebeuren!

Langs het wad en terug….

Nee, geen tocht over de wadden, een tocht langs de wadkant van het eiland, linksaf slaan en ik waan me in niemandsland. Zo voelt het ook, de geluiden verstommen tot we alleen nog vogels horen en af en toe het geraas van de zee. Bij flarden komt het binnen. De wind is gedraaid. Was het eerst nog de oostenwind die over het wad een koude rilling veroorzaakte nu is het de zon die de baas is. Mijn warme handschoenen heb ik gelijk al uitgedaan, de sjaal gaat al losjes langs mijn nek en de bovenste knoop van de jas gaat open. Langzaam laat ik de rits in mijn hand naar beneden … ‘Kan het, vraag ik mezelf, kan ik de jas opengooien’

De zon begint zo te prikken, dwars door de jas heen. We lopen en lopen. ‘Was hier niet ergens een bankje’, zegt lief. Ik denk dat het er wel ooit was, maar nu even niet. De ondergrond is nat, niet direct aantrekkelijk om op neer te strijken. Waar de zon nog geen vat op heeft gehad ligt ijs en waar de zon wel komt is het gelijk een beetje drassig. We zien de sporen van de winterstormen en het hoge water. Het hele gebied heeft onder water gestaan en de sporen stoppen aan de rand van de hoger gelegen duinenrand. Wij zoeken het ook hoger op, de zon in het gezicht, de jas over de arm, de handen in de zakken. We horen niets, zien het wijdse als we omdraaien en voor ons liggen de duinen waar we dwars over en langs lopen. We weten elkaar te vertellen wat nog maar een paar maand geleden in de duinen te zien was. ‘We gaan in november gewoon weer, die kunst in de duinen is toch het leukste om mee te maken’.

De jas blijft uit tot we weer bij de auto zijn, 15 februari, 14 graden op de teller en de eerste warme zonnestralen op de huid. Ik probeer te bedenken wanneer ik voor het laatst die zonnewarmte heb gevoeld. Dat is zo lang geleden. In juli 2016 misschien, of was het toen gewoon te warm. In augustus en september was wel warm en af en toe flink zonnig maar daar kon ik niet echt van genieten. Te warm, te ziek nog, te moe om lang buiten te zijn. Herstellende. De maanden daarna zijn de binnenmaanden, de zon verliest aan kracht. En dan nu, alles omtwaakt en mijn huid is helemaal niet meer gewend aan de zonnekracht. Misschien zijn het de medicijnen die ik moet gebruiken vanwege een omtsteking in de kaak, misschien is het toch de zonneallergie die na jaren de kop weer eens opsteekt. Na een heerlijke wandeling in de duinen, die begon langs het wad, na uren genieten ben ik wel een beetje erg rood aangelopen. Maar wat het ook is, het zal weer overgaan en niemand pakt ons deze genietdag af. Wij zijn de bofkonten van de dag.

Verwarrende tijden

Nog maar kortgeleden kwam er een man in ons leven. Via tv, krant, twitter, facebook, noem het maar en de man was er. Mooi en lelijk werd erover geschreven, over uitgesproken. Uitgekotst en toegejuicht.
Iets langer geleden kwam er een probleem in ons leven. Via tv, krant, twitter, facebook, noem het maar en het probleem werd besproken. Mooi en lelijk werd erover geschreven. Over uitgesproken. Gehuild en onderkend.
Nog maar kortgeleden was het even winter en je haat het of je houdt ervan. Je geniet met volle teugen of zucht de dag door omdat je de deur niet uitkomt.
Nog maar kortgeleden werd bekend dat Nederlanders massaal kiezen op een man. Die willen ze nog meer in hun leven dan hij nu al is. Niet omdat hij mensen weghoont, niet omdat hij haat zaait, niet omdat hij op een lollige manier iets probeert te zeggen (de onliners zijn bij hem bekend), niet omdat hij bevolkingsgroepen wegzet als profiteurs en als terroristen, niet omdat hij via de social media foto’s plaats van collega’s die een grote leugen zijn. Dat allemaal niet. Alleen omdat de Nederlanders ontevreden zijn over de huidige politiek. Dan ga je stemmen op een randdebiel waarmee we met elkaar nog verder de diepte inzakken.
Geen stem naar groen, duurzaam, toekomst. Een stem naar nog meer ellende in Groningen, nog meer ellende in Europa, nog meer ellende in de wereldpolitiek. Die politiek, daar gaat Nederland dus voor kiezen. Meer haat, meer onbegrip voor elkaar. Juist in een tijd waarin we zo op elkaar aangewezen zijn.

Nee, ik niet. Ik wil die man niet in mijn leven, dat probleem niet in mijn leven, niet die politiek in Nederland.

We zijn in verwarring. En dan sneeuwt het ook nog eens in het Noorden! Laat je daar nu geen politiek voor nodig hebben. Alleen een sneeuwruimer!

Omdat je niet altijd goed nadenkt

Het ligt in de winkel, je hebt het nodig, je zoekt de goedkoopste uit, loopt naar de kassa, komt thuis met dat wat je nodig hebt en neemt het in gebruik. Zo gaat het toch. Nederlanders gaan voor goedkoop. ‘Hoeft niet altijd duurkoop te zijn’, is de kreet die er vaak bij hoort.
Maar toch.
In 1977 trouwde ik. Niet nadenkend over een toekomst en niet nadenkend over een pannenset of vergiet. Het kwam wel op mijn pad, op ons pad. En omdat we beide verhipte handig zijn, hij met de hamer en ik met de naald, hebben we ons overal doorheen geslagen. Zelf maken was altijd goedkoper en we hoefden niet na te denken over duurzaam en milieu. De uitvindingen stapelden zich op. Helemaal op het gebied van stoffen is de keuze reuze geworden. Of, kijk eens om je heen, de uitvindingen blijven zich opstapelen. En niet alleen op het gebied van stoffen.
Maar zoals dat gaat met ontwikkelingen. Nadenken over de toekomst, nadenken over gevolgen, nadenken over …. sowieso nadenken. Het blijft moeilijk. Soort van koffiedik kijken.
Toch kwam er een kentering. We leerden wel nadenken. Over de toekomst. Over de gevolgen.
Huizen met scheuren (terwijl de toenmalige directeur van de NAM echt bezwoer dat hij niet wist hoe dat zou gaan gebeuren. Niet dus)
Plasticsoep… plastic, de uitvinding van de eeuw.
Maar we schuren met een schuursponsje de pan schoon uit 1977 om vervolgens weer een bijdrage te leveren aan de plasticsoep. Nee, dat is niet mijn ‘pakkie an’. Zo denken nog genoeg mensen. Je ziet het niet, dus het is er niet.
We denken dat een gigagrote winkel met honderduizendkledingstukken die geen drol kosten ons blij maakt. Nog steeds denken gemeentes dat. Outletcentra. Met kleding uit lagelonen landen. Vol met prullaria die je misschien 1 of 2 draagt, gebruikt en waar je nog steeds een doel voor zoekt. Winkels vol met waar, alledaagse dingen. Wasmanden voor example. Wat moet je zonder een wasmand. Armen tekort zou ik denken. Dus kom, stap naar de winkel en koop 2 wasmanden. Alles netjes, goed geregeld.
Maar vergeten na te denken.
Want je gaat eerst vergelijken! Rand a Brand en dan ga je weer vergelijken ‘Wasmand kopen’ en als je dan de keuze hebt bepaald zoek je de winkel.
Jammer, niet in de buurt. Dan maar online. Handig. Wat fijn dat het kan. Maar ik wil NU een wasmand.
Even naar de Action.
Heerlijk, alles goed geregeld. Twee wasmanden, eentje boven, eentje beneden. *klaptinhanden *strijktoverdeschouder *isblij

Maar ‘uit principe’ willen we ons geld niet uitgeven aan de Action. Omdat Action heeft op onze criteria voor duurzaamheid het E-label gekregen. Action behaalt bij ons de laagst mogelijke score in duurzaamheid omdat het merk geen concreet beleid bekend maakt voor klimaat, milieu of arbeidsomstandigheden bij productie in lage lonen landen. Voor ons als welwillende consumenten blijft het dus onduidelijk of Action zich wel of niet inzet voor duurzaamheid.
Daarom dus.

Even vergeten na te denken op een cruciaal moment. Je had het kunnen weten. Er zijn gewoon een flink aantal winkels in Nederland die we beter kwijt dan rijk kunnen zijn. Winkels waar men het niet zo nauw neemt met alles waar jij je eigenlijk wel druk om maakt. Omdat je het gewoon even vergeet en gewoon twee wasmanden wilt.

We zijn met elkaar echt wel goed bezig. We leren ons zelf na te denken. We leren onze kinderen kritisch te zijn. Dat de spullen die ze kopen duurzaam zijn. Dat ze nadenken over klimaat, milieu of arbeidsomstandigheden. We hebben het zo verschrikkelijk goed in Nederland dat we weleens vergeten dat er aan alles een keerzijde zit.

Ik hoop wel dat die wasmand een lang leven is beschoren en zelfs een tweede leven mag genieten. Als plantenbak bijvoorbeeld.


#ditisinhetkadervanweerwatgeleerd

Is die cola van jou?

Toen ik aan kwam fietsen stond er al een afvalzak vol rotzooi te wachten op het pad naar het Struunhuus. ‘Goedemorgen, ik heb al meer dan 40 peuken opgeraapt’ In een zin zit gezelligheid en frustratie. Gelijk zit ik er middenin. Ik doe de fiets op slot, zet de koffiezetapparaten aan, zie dat de kachel al lekker snort en pak een bezem. Buiten is het echt wel een slagveld. ‘Het ruikt hier helemaal naar bier’.  ‘Ja, dat is daar geknoeid uit een blikje’.

‘Is die cola van jou?’

Er staat een plastic bekertje cola op de stoep en ernaast staat een halve fles cola. ‘Ja’, zegt hij. Waarop ik mijn wenkbrauwen frons. ‘Nee, natuurlijk niet, zegt hij er gelijk achteraan, dat stond er al.  Er hangt een zak aan de klink van de deur, gevuld met zwerfafval. Maar eigenlijk is het geen zwerfafval. Eigenlijk is het jeugdafval. Hangjongerenvuil. Ze nemen het mee het park in en laten het vervolgens achter. ‘Het is helemaal stuk hè’, zeg ik als ik alle stukken ijs overal zie liggen. Hij had even gespeeld met blokken ijs en een mooi stapeltje gemaakt. Dat had ik dan vanmorgen niet meer kunnen zien want toen was het kapot. Gelukkig was ik er gisteravond nog en had ik een foto gemaakt. Zo veel leuker… op de stoep. Beter dan 40 peuken, 10 blikjes, glaasjes cola en lege wietzakjes.

Ik ga naar binnen. Inmiddels ben ik voldoende wakker. Het is nog steeds vroeg voor de zaterdagochtend. Even ben ik druk met de koffie en thee en langzaam druppelen de cursisten binnen. De cursisten van de Natuurgidsenopleiding druppelen langzaam binnen, gesprekken ontstaan, de koffie smaakt en de kachel snort dat het een lieve lust is. We hebben het toch goed met elkaar. We starten met onze opdrachten voor de ochtend en gaan naar buiten. De eerste opdracht voor de cursisten is om in groepjes langs de cursusleiders te gaan en op die manier kennis te maken met verschillende excursie-stijlen. Het is af en toe hilarisch en af toe best lastig. De rol die ik op dat moment heb past niet helemaal bij mij dus ik moet ontzettend schakelen. Toch is het leuk om te doen en alle 5 groepen zijn van een ander kaliber.

Andere mensen, andere energie, andere vragen.


We gaan naar binnen, drinken nog een kopje koffie of thee bij de warme kachel en bespreken wat we hebben meegemaakt. Dan gaan we opsplitsen in 5 groepen en op excursie in het Steenbergerpark. Een groot en ruim opgezet stadspark met een grote verscheidenheid aan bomen, struiken en planten. Een pas ingerichte Idylle, verhalen over de boom met de schoenen, de hondenpoep en hoe daarmee omgegaan wordt, het hangjongerenafval en ach, als we dan toch bezig zijn dan nemen we alle afval die onder de afvalbak ligt in de handen en gooien het alsnog in de afvalbak. Ik loop inmiddels over gras en sneeuw en ijs met mijn schoenen om de hondenpoep van de schoenen te krijgen. Het is verschrikkelijk. We constateren als grote groep aankomende gidsen dat het hondenpoepprobleem echt wel groot te noemen is. Dat mensen die rondom het park wonen hun verantwoordelijkheid niet nemen. Dat het niet te handhaven is. Maar dat het een vorm van fatsoen is om het op te ruimen. We sluiten samen af en kunnen stellen dat het een mooi park is met oog voor natuur waarin nog veel winst te behalen is. Eigenlijk ben ik op de poep en het zwerfvuil na ook echt tevreden.

Het park is de laatste jaren leefbaarder geworden.

Als ik net binnen aan een broodje begin staan de eerste vrijwilligers al in de startblokken voor de middagactiviteit. We gaan aan de slag met de nestkastjes, de pindaslingers, de Held op Stokken. Het lawaai van het timmeren, de kinderen die verwoede pogingen doen om appeltjes en rozijntjes te rijgen. Een voedersilo maken van een melkpak. Alle ingrediënten zijn aanwezig voor een geweldig leuke middag en als ik om kwart over 4 de deur achter me dichtrek ben ik weer heel veel ervaringen rijker, voel ik me tevreden en dankbaar. Zoveel mensen op 1 dag die bezig zijn met en in de natuur. … … dat is iets om heel blij van te worden.

En nu ga ik op de bank. Een bak erwtensoep en een visje verder! Het was een fijne dag.