Oh ja, zo kan het ook

Er staat een nieuwe weekopdracht voor u klaar. Daarmee begon de afgelopen 3 maanden op maandag de nieuwe uitdaging. In het begin dacht ik ‘als ze nu maar niet van die gekke dingen bedenken’, want dan komt de lat misschien wel heel hoog te liggen. Niet dat ik dat erg vind maar ik ben niet alleen aan de uitdaging begonnen. 100 gezinnen, 100 dagen, 100% restafval vrij. Al zou ik al die maanden gedacht hebben, ik eet het nog liever op dan dat ik het in de afvalbak gooi, afgelopen weekend werd duidelijk dat een beetje groot feestje al aardig wat restafval oplevert ook al zoek je het nog zo goed uit. Restafval, verzamelde grondstoffen die niet te scheiden zijn. Ze zijn er nog genoeg. En hoe ver duik je erin. Wil je echt geen restafval, of echt zo min mogelijk. Of wil je minder restafval, er wel moeite voor doen maar niet tegen elke prijs. Want het kan, we hebben het gehoord bij Emily Jane Lowe tijdens de start van onze uitdaging. Zij ging ook steeds verder. Eerst in de keuken, daarna in het huishouden, toen in de persoonlijke verzorging.

De afgelopen maanden is er, ondanks dat ik best al met afval bezig was, de knop nog verder omgegaan. En niet alleen bij mij, ook bij de rest van het gezin. Ook bij mensen die bij ons over de vloer kwamen, ook bij mensen die mijn stukjes lazen op Drenthe in transitie, of in de Hoogeveensche Courant. Stukjes over broodzakken en bakjes die mee gaan winkelen. Stukjes over bewustwording ‘ja, maar dat is niet van mij’. Of een opname in het programma Roeg waarbij we letterlijk de afvalbak in doken om te kijken wat er dan eigenlijk nog aan restafval in terecht komt en vooral ‘waarom komt het daarin terecht’. Zou het nog anders kunnen. Oh ja, zo kan het ook. Die kreet heb ik de afgelopen tijd regelmatig gehoord.
‘Neem jij je eigen bakjes mee?’ Zie je me staan bij de nootjesboer
‘Wil je het ingepakt in dit doekje? Wat is voor doekje, het voelt zo nat. Zal ik toch voor de zekerheid er maar een plasticje omheen doen?’
‘Zo kan het ook?
Hoe werkt dat dan?’
‘Wat een slim idee, dat zouden meer klanten mee moeten nemen.’
Of die van gistermiddag toen ik brood wilde halen bij de bakker en ik naar het andere filiaal werd verwezen omdat het brood wat ik wenste daar nog wel voorradig was. De jongedame achter de toonbank had nog nooit een stoffen broodzak gezien en wilde het brood eerst nog inpakken in plastic en als ik geen plastic wilde dan toch eerst in papier stoppen voor het in mijn eigengemaakte broodzak ging. Het bleef even een spelletje. Ik wilde geen plastic en geen papier. Ik wil dat niet meer mee naar huis nemen. Misschien dacht ze gisteravond toen ze op de bank zat ineens, wat was dat nu met die broodzakken van die mevrouw. Of bedacht ze het ineens onder het eten en sprak erover aan tafel. Hoe dan ook… zij was nog niet van de ‘Oh ja, zo kan het ook’, die was nog niet direct te overtuigen. Haar baas daarentegen wel. Die is heel erg op zoek naar mogelijkheden om nog minder plasticverpakkingen te gebruiken. En om het bedrijfsafval, wat eigenlijk alleen grondstoffen zijn, beter of anders op de markt te zetten ipv er flink voor te betalen en het af te laten voeren als bedrijfsafval.
Zo kwam ik eens thuis met twee flesjes bier waarvan een van de ingrediënten oud brood is.
Lekker bier!

Proost.

Wat zijn we toch een akelig verwend volkje dat brood van een dag oud, oud brood is niet meer verkoopbaar. De recepten voor oud brood vlogen me om de oren, evenals al die leuke ideeën die mensen al bedacht hadden om er toch voor te zorgen dat oud brood toch verkocht kon worden.

Waarde

Vanmorgen las ik een verhaal wat een vriendin had geschreven, ik had het al eens eerder gelezen maar vanmorgen kwam het heel hard binnen. Waarschijnlijk omdat ik inmiddels zo bezig ben met grondstoffen en de afvalproblematiek. Ze schreef dat ze na een hele inspirerende dag naar huis reed. Eigenlijk had ze heel energiek achter het stuur moeten zitten want die inspirerende dag, tja, daar krijg je energie van. Maar niets was minder waar. Ze moest huilen, voelde zich moe en leeg. Ze ging de kinderen halen uit de BSO en in de gang zag ze een waslijn hangen, vol kleding. En daar viel alles bij elkaar. Haar inspirerende dag ging over ‘Ben jij het waard’ (jij is dan vrij vertaald naar alles wat waarde heeft) en daar zag ze een waslijn vol kleding en zelfs schoenen hangen. Vergeten kleding, iets wat er al maanden lag. Waardevolle kleding aan een lijntje in de BSO.

Eigenlijk komt dit dan ook heel dichtbij het 100-100-100 project. Wat is de waarde van afval.
Wat is het u waard, wat is het mij waard!

Voor mij zijn het best bijzondere maanden geweest. Ik werd herkend op straat, ze hadden mij gezien op tv. Waren toch wel heel nieuwsgierig of het lukte en vooral ‘hoe dan’.
Verhalen van mensen zelf over hoe ze nadachten over het afval, de afvalberg en het verantwoord omgaan met de grondstoffen. Gesprekken met mensen die het thuisfront maar moeilijk op andere gedachten konden brengen. Of vragen over ‘waar hoort dit bij?’ Dingen waar ik zelf ook al over nagedacht had. Hoe is het mogelijk dat we inmiddels zo gewend zijn aan al die plastics, die verpakkingen, al die driedubbel ingepakte artikelen. Hoe kom ik thuis zonder al die verpakkingen. Soms lukt het gewoon niet.

Of het lukt wel, ik koop het niet.

Het is trouwens ook een wirwar in verpakkingsland. Het is recyclebaar, composteerbaar of het hoort gewoon bij restafval maar je twijfelt en twijfelt.
Als het wel in je hoofd zit en je wilt dat anderen het ook zo gaan zien dan is informatie geven het beste. Zoals dat bord over zwerfafval waarop staat hoe lang het duurt voor een bananenschil verteerd is. Of kauwgom, of een blikje, of een plasticflesje.
Als mensen dat lezen dan schrikken ze heel vaak. Dat wist ik echt niet.
Dat is het, onwetendheid.

‘Ik heb een nieuw shirtje gekocht’, zei jongste schoondochter toen ze binnenkwam.
Het eerste wat ik zag was een plastic tas van de winkel waar ze was geweest.
Ik vroeg niet naar het shirtje maar riep ‘oh nee, een plastictas, nee, niet waar toch!’

Weken later zei ze, ‘Grietje, mag ik een van je tasjes mee, ik ga winkelen en durf niet meer met een plastictas aan te komen!’

Ja, lach maar!

Maar het is mij bittere ernst en soms schiet ik zo uit de slof…. Maar dan bedenk ik het weer…
‘Oh ja, ik moet ze leren dat het ook anders kan!’ Zodat ze zeggen ‘oh ja, zo kan het ook’

Ik ga het vast nog heel vaak horen ‘oh ja, zo kan het ook’, maar ik ga het vast ook zelf zeggen want de vastgeroeste patronen worden doorbroken en nieuwe worden geboren.

Want zo kan het ook!

Wat vond ik de mooiste opdracht: opdracht 3. Tips om afval te voorkomen.
Wat vond ik de stomste opdracht: die kan ik niet vinden!
Wat vond ik de beste opdracht: opdracht 13, wat zit er nog in jouw restafval

Met het grootste gemak

Het is zo’n kreet die lekker bekt. ‘Met het grootste gemak, gooi je het in de afvalbak’. Die zin is waarschijnlijk ooit ontstaan om mensen te bewegen het afval niet achteloos op straat te gooien. Met het grootste gemak!
Met het grootste gemak gebruik je de spullen nog een keertje voor je ze alsnog in de afvalbak gooit. De opdracht ‘wat geef jij deze week een tweede leven’. Een opdracht waarbij ik gelijk dacht aan de schelpjes die ik op het strand vond. Eerst eentje die mooi en gaaf was, toen twee en bij drie schelpen was het hek van de dam en was de tas aan het einde van het grote genieten op het strand vol schelpen. Dit keer zijn het de grote witte schelpen die ik al aan een draadje zie hangen in de tuin. Een tweede leven is geboren.
In de keuken kan ik ook slecht afstand doen van dingen die ik nog een keertje of nog vaker kan gebruiken. Bakjes en potten. Zolang het goed blijft sluiten en ook goed schoon te wassen is zal ik het blijven verzamelen. Het komt ooit weer van pas. Ik heb echt een kelder vol met ‘je weet maar nooit’. Daar moesten we pas hard om lachen. Met die verzamelwoede, ik denk namelijk heel graag in kansen, is het oppassen geblazen. Het moet wel gezellig blijven in huis. Lege eierdozen en yoghurtemmertje zijn de meest favoriete blijvertjes. Ze zijn altijd opnieuw te gebruiken. In de yoghurtemmertjes kun je werkelijk alles stoppen, zelfs voor in de vriezer. En die lege eierdozen, die kan ik heel goed gebruiken bij leuke kinderactiviteiten. Daar passen werkelijk de mooiste schatten in! Of zaadbommen, ja, die doen het prima in een eierdoos. Wollen sokken met een gat erin krijgen een stoppertje zodat ze nog wat langer meegaan en het mooiste wat ik het afgelopen jaar heb gemaakt van een oude spijkerbroek waren twee etuis.


Ook daar weet ik wel raad mee. Een plukje wol, een restje gekleurde draad, wat borduurgaren en een mooie rits, laat mij maar gaan, het wordt geboren onder mijn vingers. Het resultaat is prachtig en de vriendjes die het krijgen zijn er heel erg blij mee. Een tweede leven voor een versleten T-shirt, de poetslap in wording. Een keteltje wat te oud is om water mee te koken is een bloempot geworden. En de mooie potjes met goed sluitende deksels krijgen altijd een herkansing. Lekker jam maken, of heerlijke sapjes, de potjes zijn altijd handig. Op de zolder stond een bureaulamp, ooit op de zolder terecht gekomen omdat er een lampje in zat wat en te veel stroom gebruikte maar ook heel heet werd. Ook daarin staat de tijd niet stil want het is tegenwoordig gemakkelijk om er een koel energiezuinig lampje in te draaien. Alles verdient toch een tweede of derde leven. En kan ik er niets meer mee, dan gaat het een deurtje verder, naar de kringloopwinkel.

Maar in het kader van het tweede leven passen de bijenwasdoek en de broodzakken natuurlijk ook heel goed. Want die gebruik ik telkens opnieuw. Een keertje wassen en weer gebruiken. Fijn dat het kan!

Cradle to Cradle

100 dagen.

Op het moment van lezen duurt het nog 12 dagen. Dan zijn de 100 dagen voorbij. Zoals alle dagen vlogen die 100 dagen ook voorbij. Het zit er bijna op, het 100-100-100 dagen project in Hoogeveen. Alle deelnemers gaan dit samen afsluiten en ik ben wel heel benieuwd naar het uiteindelijke resultaat. Tot nu toe staat de afvalmeter van de deelnemers op 0.6 kg restafval en het totale plaatje landelijk, maar ook in Hoogeveen, op 9 kilo afval. Dan praten we over een gemiddelde storting per week. Ik had vorige week moeten wegen want het restafval werd gehaald. Maar er zat bijna niks in de afvalbak dus we sparen nog 14 dagen langer. Ik ben benieuwd of ik de 500 gram ga halen. Ondertussen is er bij de Gemeente Hoogeveen de discussie gaande over de frequentie van het ophalen van het restafval. Iets wat u en mij aangaat natuurlijk. Wij willen toch allemaal meewerken aan een schonere en betere toekomst. Dat kan toch gemakkelijk in deze tijd. Tegenwoordig is voor iedere grondstof wel iets te bedenken waar het opnieuw voor te gebruiken is. Het cradle to cradle concept (van wieg tot wieg). Je haalt iets uit de bodem, maakt iets, gebruikt het en gaat het dan hergebruiken. Hout wordt papier, wordt karton, wordt gebruik door fabrikant, consument, distributiecentrum, winkelbedrijven, wordt oud-papier en gaat weer terug naar de papierfabriek om opnieuw te gebruiken. Consuminderen en hergebruiken. Als je minder koopt hoef je minder weg te gooien. Afval beter scheiden resulteert in meer grondstoffen om te hergebruiken. Na al die jaren van halen, gebruiken en weggooien, kunnen we nu ook brengen en hergebruiken toevoegen. Ik kan me dan ook niet voorstellen dat je hier niet aan mee wilt doen. Het is helemaal niet zo erg ingewikkeld, dat heb ik wel gemerkt de afgelopen 88 dagen. Het heeft me aan het denken gezet en ik heb acties ondernomen omdat ik door te leren van anderen zelf anders ben gaan ‘gebruiken’. Minder plastics, vooral dat. Mijn stoffen broodzakken doen het goed, de bakjes die ik meeneem naar de markt en dan vooral de verwonderde blikken ‘Neem je eigen bakjes mee? Ja, zo kan het ook’. En ‘nooit over nagedacht’. Ook dat is een zin die ik steeds weer hoor. Dat is het gewoon, we denken er niet meer over na dat het ook anders kan. ‘We zijn erin gerommeld’ zei iemand die een woord zocht voor de manier waarop wij plastic in ons leven hebben toegelaten zonder er verder over na te denken. Want zeg nu zelf, plastic is reuze handig! Maar dan moeten we er wel goed mee omgaan.

Doet u ook mee? Met grondstoffen scheiden?

100-100-100

Nog een dikke maand en dan gaat het project 100-100-100 in mijn woonplaats van start. 100 gezinnen, 100 dagen, 100% (rest)afvalvrij. Nog een dikke maand kan ik verzinnen wat ik er nu al aan kan doen. Minder afval van alles. Al jaren lees ik erover. Het zijn vooral vrouwen die zich hiermee bezig houden, tenminste dat denk ik. Ik zie weinig mannen schrijven over minder afval. Maar vrouwen daarentegen zijn er best druk mee. Die bedenken de meest leuke dingen om met nog minder afval thuis te komen. Want minder afval mee naar huis nemen betekent ook dat de afvalbakken minder snel vol raken. Vanaf het begin dat ik me aangemeld heb denk ik er al over na. Wat kan anders, alweer meisjes die het verzinnen. Ik denk na en weet zeker dat ik nog meer na ga denken en lezen.

Wat heb al geleerd in de afgelopen jaren.
Makkie, ik haal de groentetas met biologische groente en biologisch fruit. Allemaal in een papieren tas die ik altijd keurig opvouw en als er een stapeltje ligt neem ik het weer mee zodat ze niet iedere keer een nieuw tasje voor mij hoeven te pakken. Ik kan vast wel 10 x met een tasje doen! Oh, en in de groentetas geen plastic. Lukt niet altijd want taugé of kiemgroenten in een papiertje, het lijkt nog niet te kunnen. Na jaren gebruik van wasmiddel uit een plasticfles ben ik weer terug bij de grote kartonnen verpakkingen met waspoeder. Mijn ervaringen met de vloeibare wasmiddelen, ik vind ze steeds viezer in de wasmachine en ook al worden de verpakkingen steeds kleiner en hoef je steeds minder te gebruiken, het wordt duurder en duurder en ook al zoek ik de meest geschikte soort om het milieu te sparen, het werkt niet meer. Ik ben er klaar mee. Dus, wasmiddel uit een karton. Wat dat gaat worden moet ik nog verder uitzoeken. Het milieu sparen kan hier ook mee. Op alle vlakken, lees maar verder via de link.
Brood, ook zoiets. Dat wordt hier in het gezin goed gegeten en wat overblijft.. plastic. Ook dat kan anders en gaan we proberen. Ongesneden brood mee naar huis nemen, het blijft langer vers en de verpakking… die kan ik zelf maken! Misschien maak ik er wel 50 en wil jij er ook twee!
Waxinelichtjes, wat overblijft, een aluminium cupje. Toch kan het anders! Want veel mensen hebben zich het hoofd al over gebroken (niet letterlijk hoor)
Wattenstaafjes, ook zoiets. In ieder huishouden wel te vinden en werkelijk, als je daarover gaat lezen kom je de meest bizarre dingen tegen. Dat mensen ze dus in het toilet kieperen na gebruik. Sorry hoor, het gaat mij al snel te ver, en in dit geval zou ik de mens erachteraan spoelen. Zoiets verzin je toch niet.
Maar ook hier is al heel lang over nagedacht, het is natuurlijk al jaren een ding en het ding wordt steeds groter omdat we allemaal bewust worden van het feit dat het zo niet langer kan. Wattenstaafjes in huis halen. Nee, ik heb geen aandelen, maar er zijn dus wel mogelijkheden om het anders te doen. Ze zijn er! En dan nog eens ‘wat je niet in huis haalt, hoef je ook niet weg te gooien’. Trouwens, als we allemaal bedenken dat we bepaalde dingen niet meer kopen omdat het domweg slecht is voor het milieu, dan gaat degene die het maakt ook eens achter de oren krabben. We hoeven echt niet altijd dat te pakken wat vooraan in de schappen ligt, we mogen heel goed nadenken! De consument is de koning.

We kregen het in het gezin over chips… en koffie (Ik zie dan de verpakkingen… dat snap je al)

Eigenlijk heb ik heel veel zin om met een groep mensen aan de slag te gaan en zo te kijken wat nog beter kan. Lijkt me de uitdaging meer dan waard.

Lege bladzijden om te vullen…

‘Heb jij ook goede voornemens’, zo werd er gevraagd eind december.
‘Nee, ik doe daar niet aan, ik ben ook niet op 1 januari gestopt met roken om maar eens iets te zeggen, ik zou verder ook niet weten wat een goed voornemen is’.
Oprecht, ik weet het niet. Of……. Ik wil mijn cholesterol graag omlaag zonder statines zodat ik toch de cardioloog enigszins gerust kan stellen bij de volgende controle. Maar is daar een goed voornemen voor te maken? Ik kan het niet verzinnen, oprecht, ik weet het niet.
Dus ik wens iedereen een gelukkig nieuwjaar en hoop dat iedereen veel groene voornemens heeft. Gewoon genieten van het leven, maak er vooral iets goeds van.

Dus steek geen vuurwerk af waar mensen lopen zodat ze blind kunnen worden, of probeer nu eens niet zo diep dronken te worden dat je voren niet meer weet of je van achteren nog leeft. Of probeer nu eens iets minder afval te produceren in 2015. Dat vind ik dan wel weer een goed voornemen. Zoals nu 100 mensen de uitdaging hebben aangenomen om 100 dagen geen restafval te produceren. Dat heeft ook zin. Daar ga ik dus aan meedoen. En ik roep gelijk de rest van Nederland op om daar ook eens goed naar te kijken. Afval scheiden waar het kan, een composthoop of bak in de tuin. Hoeveel pakjes, zakjes maak jij per dag open?

Afval minderen is meer dan alleen maar afval minderen. Je zorgt beter voor de aarde en daar wordt toch iedereen blij van.

IMG_5290

foto 1/365 van het jaar 2015.
Vandaag had ik het druk met aangifte doen en andere zaken. Iemand is het jaar erg humeurig begonnen en heeft vuurwerk onder de dakpannen van ons IVN Struunhuus aangestoken.
Hoezo gelukkig nieuwjaar

“Lege bladzijden om te vullen…” verder lezen

In het kader van de 100

100, gevonden en bewaren
Ik ben er wel achter, ik loop niet met de neus naar de grond, ik loop met de neus in de lucht. En nu is de neus mooi bruin, met sproetjes. Voor de 100 moest er een enveloppe in het schrift met daarin de schatten die ik op de grond zou vinden. Ik vond niets. Ja, als ik in de natuur loop dan vind ik van alles. Niet op straat of op de stoep. Tijdens de wandeling met de honden vond ik ineens een knoop en later toen ik met de gids door de eendenkooi wandelde vond ik een krullerig veertje en later op de fiets kwam er een pluk wol op mijn pad. Ik kan wel verzamelen maar niet zomaar. Ik moet in de natuur zijn! En dat ben ik.
gevonden.jpg

100 ideeën

#6 Plak een envelop in je dagboek. Verzamel een week lang dingen die je vindt op straat.
Dit is weer zo’n lastige. Ik plak wel een envelop in mijn plakboek maar of ik wat vind om er in te doen dat betwijfel ik nu. Gisteren heb ik ruim een uur gelopen en wat ik tegen ben gekomen op straat….. ehm, dat wil ik niet in mijn plakboek! Misschien moet ik eens verder kijken.
Wordt vervolgd

100 ideeën #5

“Neem een gedicht dat je aanspreekt. Schrijf het over en plak het in”
…zag jij misschien dat ik naar jou.
dat ik je zag en dat ik zag hoe jij
naar mij te kijken zoals ik naar jou
en dat ik hoe dat heet zo steels.
zo en passant en ook zo zijdelijks –
dat ik je net zo lang bekeek tot ik
naar je staarde en dat ik staren bleef.
Ik zag je toen en ik wist in te zien
dat in mijn leven zoveel is gezien
zonder dat ik het ooit eerder zag:
dat kijken zoveel liefs vermag.
Joost Zwagermans…..
Er zijn toch best veel gedichten die mijn hart raken, gewoon door eenvoud, door net de juiste woorden op de juiste plek. In mijn plakboek had ik dan ook een ander gedicht geschreven dan hier in het log. Waarom, omdat het gedicht, mijn lievelingsgedicht hier al staat.
Het gedicht hierboven is pure poëzie, pure passie. Pure eenvoud die je anders gaat zien als je het een paar keer achter elkaar leest. Ik houd er van.

100 ideeën

schriftje.jpg
Eindelijk kan ik verder. Ik zat vast op een plakboek, of plakschrift. Dat maakt niet uit, als er maar geen lijntjes op de bladzijden staan. De opdracht: Koop iets goedkoops als symbool voor je scheppingsdrang en gebruik het elke dag. De voorbeelden waren voor mij niet direct een reden om naar de winkel te rennen, eerst moest ik bedenken wat ik wilde aanschaffen om dagelijks te gebruiken en waar mijn scheppingsdrang in uiting zou komen.
Eenmaal bedacht was het een fluitje van een cent dacht ik.
2 dingen die belangrijk zijn:
1 het moest goedkoop zijn.
2 het moest een plakschrift worden.
Alles winkels, ook die waar ik never kom, heb ik gehad. Niks, nada, noppes…. tot ik woensdagavond een schrift tegen kwam. Totaal geschikt en goedkoop! (lees afgeprijsd) Ik ben er nog steeds blij mee maar door een ontsteking aan één oog blijf ik nog even op afstand van mijn nieuwe aanwinst. Want nu komt de volgende opdracht:
Teken je eten…..
En dan moet ik toch eerst gaan verzinnen wat we eten…….
Het blijft lastig, heb je het ook door! 100 ideeën

100 ideeën

Niet te geloven, ik zal en moet een plakschrift vinden maar alles wat ik vind zijn schriften en schriften en schriften vol lijntjes. Ik laat zelfs de alarmbellen rinkelen als ik een winkel binnen stap en doe dan alsof mijn neus bloed. Die bloed niet, maar als alarmbellen gaan rinkelen omdat ik er te lang over doe om een mandje te pakken dan zoeken ze het maar uit. Volgende keer neem ik geen mandje. Niemand nam een mandje. Ik wel, natuurlijk. Ik neem de regels zoals ze zijn. Dat is dan mijn probleem. Maar goed, ik heb geen schrift gevonden. Nog niet. Het komt zeker. Ik ben precies, ik wil er namelijk in plakken en tekenen. Ik hoef er niet zo nodig in te schrijven. Dat doe ik wel in mijn log. En mocht het zo uitkomen dan typ ik het en plak het vervolgens in het schrift.
Ik moet er dan wel eerst eentje vinden. Naar mijn zin.
Al ga ik eerst bowlen. Dat is iets totaal anders en ik kan er niets van. Kijk maar uit….