Het leven

Vanmorgen scheen de zon, was het heerlijk weer en werd ik uitgerust wakker. Als je wakker wordt en je voelt je fit dan heb je voldoende slaap gehad. Ben je niet fit? Ga dan rustig nog even slapen. Het is een gegeven! Een feit.
Ik voel me fit en doe de dingen die bij mijn leven horen. Ik schreef eerst ‘die bij het leven horen’, maar die vanzelfsprekendheid is niet normaal. Dat is een aanname die we in de rijke Westerse wereld gewoon bezigen. Alsof de hele wereld ’s morgens wakker word en denkt ‘ha, ik ga plassen, wassen, aankleden, ontbijten.’

Op heel veel plekken in de wereld is dat dus gewoon niet zo. Amnesty schreeuwt niet voor niets zo hard dat er op steeds meer plekken op onze aardbol mensenrechten worden geschonden.
Eigenlijk doet Groenlinks dat ook maar wie krijgt er dan een draai om de oren? Juist, het zelfde Groenlinks omdat ze opkomt voor mensen. En ik, ik stap uitgerust uit bed. Misschien is de halve wereld wel jaloers op mijn leven.

Een leven dat bijna een jaar geleden aan een zijden draadje hing. Als ik het verhaal van vorig jaar teruglees, als ik de verhalen bij elkaar optel over de hartoperaties en complicaties dan was het een zijden draadje. Ik had vertrouwen, blind vertrouwen. En ik heb alle geluk, in dit land met deze zorg, in dit land met alle kennis. Ik heb alle geluk van de wereld in mijn huidige leven. Als ze tegen mij zeggen ‘je hebt het verdiend’ dat denk ik ‘ik niet alleen, de hele wereld verdient het’. Dat is wat in de politiek ook speelt. Heel erg speelt. En de mensen die het moeten uitvoeren zijn mensen die gewoon mensen zijn zoals jij en ik. Ja, ze hebben geleerd om iets neer te zetten maar uiteindelijk gaan zij ook slapen omdat het lampje uitgaat en als ze wakker worden en niet uitgerust zijn gaan ze niet nog even rustig slapen maar gaan ze aan het werk. Mensen doen dat!

Vanmorgen schijnt de zon, de duiven zitten in de krentenboom, te glanzen in de zon. Merel, mus, spreeuw, allemaal zitten ze in de krentenboom. Koolmees pa en moe vliegen af en aan om het kroost te voeren. Een tweede legsel moet ervoor zorgen dat er nog wat jongen groot worden. Het is een gekakel in het nest naast het slaapkamerraam. Ik hou van die geluiden, de geluiden van de zomer. De vogels die mij ’s morgens bij het eerste licht toch wel wakker tetteren. ‘Vroege vogel, ik hou ervan maar slaap toch nog even verder.’

Ik heb vanmorgen mijn trouwjurk uit de kast gehaald. Het zal ongeveer deze tijd geweest zijn dat ik in mijn uppie op zoek ging naar de trouwjurk die ik wilde dragen op 8 juli 1977. Die trouwjurk is van alle tijden en ik pas hem nog. Hij ruikt naar 40 jaar kast maar hij past. Als ik sterf wil ik mijn trouwjurk dragen, dat besluit ik nu, dat schrijf ik hier. Dat is wat ik wil. Niet nu sterven maar als het zover is, dan wil ik mijn trouwjurk dragen. De jurk staat symbool voor leven in liefde. En nee, ik ben niet sentimenteel nu, ik ben blij en dankbaar. Want dat past bij mijn leven momenteel.

Dankbaar met mijn leven, mijn lief, mijn kinderen en kleinkinderen. Dankbaar dat we 13 jaar hebben kunnen genieten van onze trouwe viervoeter Twist. Iedereen vraagt er naar. ‘Hoe is het’. En ik kan alleen maar zeggen dat het stil is. Gewoon overal. Als er iets op de grond valt, als ik naar de keuken loop stapt Twist niet uit de mand achter mij aan, als ik de kamer in loop dan is daar niet meer de mand waar Twist in ligt te slapen. Iets wat hij de afgelopen maanden heel veel deed. Eindeloos slapen, diepe slaap. Of wakker en drentelen en piepen en drentelen en zijn draai niet kunnen vinden. Van binnen naar buiten en weer terug, liggen en weer drentelen. Piepen zodra er iemand de kamer verliet. Niet wetende dat diegene wel weer terug kwam. Kwispelen. Dat stuk over kwispelen, hij kwispelt. Niet de hele dag maar heel vaak. En dat doet pijn maar tegelijk weet ik dat het goed is. Hij heeft een mooi leven gehad en ik denk aan die mooie momenten die iedereen met hem had. Iedereen was blij met Twist. En iedereen heeft verdriet om Twist…… omdat hij kwispelt.

Het leven……..

“Als ik net in slaap ben gevallen, word ik de hele tijd wakker, en dat is waarom je moet huilen. Kwispel, kwispel, kwispel.

Langs het wad en terug….

Nee, geen tocht over de wadden, een tocht langs de wadkant van het eiland, linksaf slaan en ik waan me in niemandsland. Zo voelt het ook, de geluiden verstommen tot we alleen nog vogels horen en af en toe het geraas van de zee. Bij flarden komt het binnen. De wind is gedraaid. Was het eerst nog de oostenwind die over het wad een koude rilling veroorzaakte nu is het de zon die de baas is. Mijn warme handschoenen heb ik gelijk al uitgedaan, de sjaal gaat al losjes langs mijn nek en de bovenste knoop van de jas gaat open. Langzaam laat ik de rits in mijn hand naar beneden … ‘Kan het, vraag ik mezelf, kan ik de jas opengooien’

De zon begint zo te prikken, dwars door de jas heen. We lopen en lopen. ‘Was hier niet ergens een bankje’, zegt lief. Ik denk dat het er wel ooit was, maar nu even niet. De ondergrond is nat, niet direct aantrekkelijk om op neer te strijken. Waar de zon nog geen vat op heeft gehad ligt ijs en waar de zon wel komt is het gelijk een beetje drassig. We zien de sporen van de winterstormen en het hoge water. Het hele gebied heeft onder water gestaan en de sporen stoppen aan de rand van de hoger gelegen duinenrand. Wij zoeken het ook hoger op, de zon in het gezicht, de jas over de arm, de handen in de zakken. We horen niets, zien het wijdse als we omdraaien en voor ons liggen de duinen waar we dwars over en langs lopen. We weten elkaar te vertellen wat nog maar een paar maand geleden in de duinen te zien was. ‘We gaan in november gewoon weer, die kunst in de duinen is toch het leukste om mee te maken’.

De jas blijft uit tot we weer bij de auto zijn, 15 februari, 14 graden op de teller en de eerste warme zonnestralen op de huid. Ik probeer te bedenken wanneer ik voor het laatst die zonnewarmte heb gevoeld. Dat is zo lang geleden. In juli 2016 misschien, of was het toen gewoon te warm. In augustus en september was wel warm en af en toe flink zonnig maar daar kon ik niet echt van genieten. Te warm, te ziek nog, te moe om lang buiten te zijn. Herstellende. De maanden daarna zijn de binnenmaanden, de zon verliest aan kracht. En dan nu, alles omtwaakt en mijn huid is helemaal niet meer gewend aan de zonnekracht. Misschien zijn het de medicijnen die ik moet gebruiken vanwege een omtsteking in de kaak, misschien is het toch de zonneallergie die na jaren de kop weer eens opsteekt. Na een heerlijke wandeling in de duinen, die begon langs het wad, na uren genieten ben ik wel een beetje erg rood aangelopen. Maar wat het ook is, het zal weer overgaan en niemand pakt ons deze genietdag af. Wij zijn de bofkonten van de dag.

Dag 5

Dag 5 ‪#‎challengeonnaturephotography‬

Achter een vlinder aan met de camera is ook zoiets. Voor je het in de gaten heb ben je een kilometer aan het lopen maar je blijft maar op een heel klein stukje grond want daar is de habitat van de vlinder, het voedsel, de waardplant en natuurlijk de partner. In de duinen van Ameland fladdert heel wat moois rond en meestal fiets ik eraan voorbij, ik zie ze fladderen. Maar afstappen betekent steeds verder van het pad af de duinen in……. ‘zit stil’ of gewoon zelf gaan zitten en wachten tot ze bij mij komen. De duinparelmoervlinders die ieder jaar opnieuw in de duinen van Ameland te vinden zijn.

vlinder

Dat was het dan voor 2014

Het zit erop, de tent zakt langzaam in elkaar en de auto raakt weer vol. We gaan naar huis, het was heerlijk. Een weekje nazomeren op de camping waar we in de zomer ook stonden. Later licht, vroeger donker en de natuur is stil. De ganzen laten zo af en toe van zich horen en hoog in de lucht hoor ik de buizerd. De nachten zijn frisser, de slakken actief, de ochtenden natter en de zon…..
De zon….
Het is heerlijk in september, stil.

250 - 7sept

We komen thuis en beginnen aan de grote schoonmaak van tent en toebehoren. De nieuwe tent, we zijn er zo blij mee. Volgend jaar in mei. Dan trekken we er weer op uit. Vermoedelijk weer naar Ameland, we hebben het al een paar jaar over rondtrekken door Frankrijk… maar als je mij nu vraagt. Dan wil ik weer naar Ameland.

Ameland

“Dat was het dan voor 2014” verder lezen

Halverwege…

Ik kan er wat van, wallen creëren. Echt je kunt er jaloers op worden. Niet echt natuurlijk want wallen onder je ogen zijn niet de schoonheidsidealen die ik voor ogen heb. Ze hangen eronder. Ik hoor het je denken. Maar goed, ik kan er dus wat van. Heerlijk met vakantie gaan, de hele dag buiten, ’s avonds met de kippen op stok en vervolgens nog uren wakker liggen. Ik kan dat. En na 4 dagen vakantie en al over de helft van die heerlijke week presteer ik het om wel lekker vroeg te gaan slapen maar ben ik ook lekker vroeg wakker. ‘Dit is je kans, zei lief die ook wakker was, nu kun je de zon op zien komen.
Ik heb geen zin, ik heb geen zin, ik heb geen zin om op staan.
Maar ik doe het wel en we sjouwen 2 uur door de duinen.
Daarna kan ik wel 3 uur slapen.
Maar ik doe het niet, nee, ik doe het niet.
Trouwens, die zon. Achter een dik wolkendek waar af en toe een gaatje in zit daar piept heel af en toe even de zon tussendoor, de kleuren zijn bizar, apart.

248 - 5 sept

Ameland

“Halverwege…” verder lezen

Schoon strand… in geen jaren

Van alles op het strand dag. Heerlijk weer, gaan.
In mijn rugzak zit gewoon een afvalzak, een grote. En kleine zakjes voor schelpjes
 

246 - 3 sept

Aan het einde van de struintocht hebben we zoveel gevonden, mooie dingen gezien en is de afvalbak weer voor de helft gevuld.

Ameland, schoon strand!

“Schoon strand… in geen jaren” verder lezen