« Zat! | Main | Lege dop »
dinsdag 3 augustus, 2010
in de huifkar
Achter de kont van het paard, sjokkend door het natte gras, simpe sampe sompe door de plassen dat het spat door de plas, in stap over de verharding en vooral doorgaan, niet stil staan.

Als de paarden stoppen dan komen er drommen vliegen op me af. Vooral doorlopen, vooral doorlopen. Tot we stoppen en uit de wagen stappen voor een andere bezigheid dan luisteren naar de gids en kijken naar de kont van het paard. De schepnetjes en teiltjes worden erbij gehaald en we gaan op onderzoek in het ven. Het is een Pingoruïne . Ik had er al over gelezen maar ik had dus geen idee dat het zo dichtbij was. Pingoruïne, grafheuvels, exoten zoals Canadese Ganzen, de rietsigaren waarvan ik zo snel niet dé naam wist, lisdodde dus, jeneverbes en een Eik zoals een Eik hoort te staan. Breed en groot. Je kunt de eikels al zien, nu nog goed verstopt in de dopjes. Langs de jeneverbesstruiken terug naar de kar met paarden en in draf over de heide terug naar de stal………..
Neneh @ 03 augustus 2010 13:17
Tweet
Zo hoor je de natuur te verkennen!
geschreven door ton - 04 augustus 2010 16:10