home  

Gedichtendag gedichten

Galerij

2005

 

Gedichtendag 2005

 

 

 

Met bijdrages van

Mirre
Johan
Keekstar
Hansje
Kim (kruimel)
Harry
Edwin
Maarten
Berta
Paola
Mandarijn
Mirjam
Debby
I-ris
Grietje

 

 

 

Voor een dag van morgen  

Wanneer ik morgen doodga,
vertel dan aan de bomen
hoeveel ik van je hield.
Vertel het aan de wind,
die in de bomen klimt
of uit de takken valt,
hoeveel ik van je hield.
Vertel het aan een kind,
dat jong genoeg is om het te begrijpen.
Vertel het aan een dier,
misschien alleen door het aan te kijken.
Vertel het aan de huizen van steen,
vertel het aan de stad,
hoe lief ik je had.

Maar zeg het aan geen mens.
Ze zouden je niet geloven.
Ze zouden niet willen geloven dat
alleen maar een man alleen maar een vrouw
dat een mens een mens zo liefhad
als ik jou.

 

©Hans Andreus

 

Een bijdrage van Johan

 

Park in januari

Hoe kaal en monomaan
in januari parken
kunnen zijn, elke
aanblik stroomde vol

van wat ons bond
en scheiden zou:

veel langer kon het
zo niet gaan -

vannacht, in alle stilte,
maakten sneeuwvlokken
er een einde aan.


©Job Degenaar
 
 
Een bijdrage van Berta

 

 

 

De Sneekse snikkelsnijder
 
Kijk hem snuffelen met zijn snoeimes
’s Nachts in Sneek ziet men hem vaak
’t Is de Sneekse snikkelsnijder
’t Is een hele snode snaak
 
Als u ’s nachts soms ligt te snurken
Snukt de snuiter aan de bel:
Ik ben de Sneekse snikkelsnijder
En uw snikkel sneuvelt snel
 
Waarom snijdt de snuiter snikkels
Snikt en snottert jong en oud
’t Is omdat de snoodaard snikkels
Als een snuisterij beschouwt
 
’t Is wel sneu voor Sneekse snikkels
Maar hij snoeit en snuit voldaan
Snikkels blinken snikkels klinken
Ruisend ruisend valt het graan
 
Sneek ach Sneek is voor een snoepreis
Niet zo snoezig als het leek
Want de Sneekse snikkelsnijder
Snuffelt, snaait en snoeit door Sneek
En de bond van Sneekse snollen
Is wellicht het meest van streek
 

uit: Het gaat goed met Nederland  2001

 

©Ivo de Wijs  1945

 

 

Een bijdrage van Mirre

 

ik wou dat ik weer kiezen mocht
aan 't begin van mijn leven
nu ik zo diep heb gezocht
naar wat ik jou kan geven
ik wil voor altijd bij je zijn
altijd en overal
ik van jou en jij van mij
is hoe het wezen zal
daarom wil ik een rugzakje zijn
dat je altijd meedraagt
op je schouders, licht en klein
want bij jou ben ik onversaagd
ik zou over je schouders kijken
bij alles wat je doet
ik zou dichterbij je lijken
waar je ook wezen moet

 

Een bijdrage van ©Manderijn

 

 

Wederopstanding

 

Eens zal hij kolossaal verschijnen op de dijken,
mijn opa, kaarsrecht weer en zwart; het spaarzaam vee,
wat groeit en bloeit in sloot en plas, in beemd
en bos, zal zich verzaam'len aan zijn voeten, en zijn stem
zal toornen tegen slinks gepenetreerde stad - het zal
voorwaar een gaaf, vergeefs gebaar zijn

 

Anton Korteweg

 

Een bijdrage van Hansje

 

 

Eindeloze rap

Daar sta je dan
Je hebt het net gehoord
Misschien is het beter zo
Misschien ongehoord
Een foutief moment
Uitgewist en wedergekeerd
Onterecht een pijn verhaald op alles
Alles wat je was en alles wat ik was, wij waren
Zijn geweest
Moe van de tijd, tijd die verdwaalt,
Verstopt in dromen die bijster worden verstoord
Krassen vol vluchten vol uitwegen en vol hatelijke agressie

Ja daar sta je dan
Je hebt het net gehoord
Misschien beter, misschien ongehoord
Een foutief moment
Uitgewist en wedergekeerd
Onterecht de pijn verhaald op alles wat men zegt
Zit je daar nu nog?
Een mediadip een radiodomper
Een heleboel verhalen overspoelt de mens
Massaconsumptie is ongewenst
Soms wel zin soms geen enkel
Inspiratie verschijnt slechts zelden
24-7 schrijf je woorden
24-7 verschijnt op papier
een doorstromende vlaag van onbekende woorden
misschien toch het bekendst voor menig oor
het is al even geleden dat mijn verslaving niet bestond
mijn tranen weg bleven en de echte ik bestond
maar wie ben ik nu, nu om te zeggen
niet alleen maar mezelf
teveel woorden om uit te leggen
teveel pijn, soms niet tevreden
soms dolgelukkig en soms alleen
misschien ben ik het zelf
mijn eigen ik met mijn verleden
soms niet te harden
soms valt er zeven millimeter
dikke druppels op de grond
tranen vliegen in het rond
misschien met een doel wie zal het zeggen
veel te veel woorden om het uit te gaan leggen

 

Een bijdrage van ©Keekstar '04

 

 

 

 

Zij

 
Iets hééft zij dat met meer dan schoonheid alleen schittert,
Niet sentiment – het is de ziel die spreekt;
Iets laat haar over ’t hart meer macht bezitten
 
Dan aardse liefde, aardse schoonheid geeft.
 
Zoals herinneringen je bezielen,
Zoals je eigen ster je wegen leidt,
Zo zegt een soort van tover je te knielen 
Voor haar, de ware bron van zekerheid. 
 
Wanneer je bij haar bent, is zíj degene
Die vaag je vage dromen overheerst:
Je kunt niet denken – en alleen dat ene,
Het bijzijn der beminde, vult je geest.
 
Nadat je afscheid van haar hebt genomen,
En onderweg bent naar je leeg domein,
Dan ben je vol van grenzeloze dromen,
Dan ben je vol van heimelijke pijn.

 

©Jevgeni Baratynski; vertaling: Frans-Joseph van Agt

 Een bijdrage van Edwin

 

Nu 't rouwrumoer rondom jou is verstomd,

de stoet voorbij is, de schuifelende voeten,
nu voel ik dat er 'n diepe stilte komt
en in die stilte zal ik je opnieuw ontmoeten.
En telkens weer zal ik je tegenkomen,
we zeggen veel te gauw: het is voorbij.
Hij heeft alleen je lichaam weggenomen,
niet wie je was en ook niet wat je zei.
Ik zal nog altijd grapjes met je maken,
we zullen samen door het stille landschap gaan.
Nu je mijn handen niet meer aan kunt raken,
raak je mijn hart nog duidelijker aan.
©Toon Hermans

 

Een bijdrage van Paola

 

 

 

 

Raakte ik mezelf soms

kwijt ergens langs de
weg in het kreupelhout
de feiten van mijn
bestaan de leugens die
niets omhullen het stof
tranen in het zand
mijn nooit afgemaakte schilderij
raakte ik mezelf soms
kwijt tijdens colleges vliegen
vangen in de mist
rennen en nooit winnen
of vond ik mezelf
tussen rottend fruit en
koeiepoep.

 

Een bijdrage van Harry

 

en deze van Joost Zwagerman.... is voor mijn lief!

 
 
...zag jij misschien dat ik naar jou,
dat ik je zag en dat ik zag hoe jij
naar mij te kijken zoals ik naar jou
en dat ik hoe dat heet zo steels,
zo en passant en ook zo zijdelijks
dat ik je net zo lang bekeek tot ik
naar je staarde en dat ik staren bleef.
Ik zag je toen en ik wist in te zien
dat in mijn leven zoveel is gezien
zonder dat ik het ooit eerder zag:
dat kijken zoveel liefs vermag.

 

Ook een bijdrage van Paola

 

 

Eeuwigheid

Er zijn plekken
waar ik zonder glimlach
niet meer langs kan.
Ooit is daar een grap
verteld, een kus geroofd,
iets voor het eerst gedacht.
Ter hoogte van mijn oor,
bijvoorbeeld,
heb jij me op een nacht
beloofd dat eeuwigheid
een leugen is, maar dat het
daarom tussen ons niet
minder lang gaat duren.
Meer woorden waren er
niet nodig - een mond
spreekt van zichzelf al mooi
en huid heeft een geheugen.
Jij blijft mijn hals, mijn navel,
mijn holte van mijn knie
voor altijd bij.
Zonder glimlach kan ik
aan geen plek voorbij.

Bart Moeyaert

 

Een bijdrage van Kim

 

 

 

 

Dromen

's Avonds stap ik uit bij de noordelijkste halte van het land
Het ruikt naar slijk en naar jou

Je wacht op mij en pakt mijn rugzak
en zegt dat onze taal nog lang niet uit is
Je blonde haar waait voor je gezicht

Achter ons ligt de hoeve waar ik al jaren
van droom. Dat de grond zwart verschroeid is
en ik de woorden niet meer kan terugvinden
Ik schrob de spinrag van de muren,
kook soep voor de oude families en weet nooit
welke taal ik zal spreken. Ik ben de stervende.

Je bent de zwerver in je eigen taal
Je stem spreekt in de nacht en ik val
Je bent de vrijer van de verre wouden.

En de droom ruikt immers naar het slijk van de aarde.


(Albertina Soepboer, 2000)

 

Een bijdrage van Maart

 

 

 

Zij

 

Wij doen ondeelbaar, hart aan hart,
maar wij slapen ieder onze nacht.
Haar lichaam ademt in voor mij
en binnen wordt ik weggedacht.

Woont daar iemand die bestaat
als zij zich sluit? Alles is
zo ondenkbaar in dit hoofd, ik raak er niet uit.
 

Ik ken haar enkel in mijn armen
zij houdt mij eeuwig op de tast.
Zij slaapt en wie is zij
die morgen weer in alles past?

 

Bernard Dewulf

 

Een bijdrage van Kim

 

 

 

 

 

Kaardebol

 

ILLUSIE


Dan neem je je voor
over de zomer te dromen

Trillende spiegeling en
hommels om wittige hoofden
De schrik drupt honing

Zweetmomenten stuwen zout
in de ogen, na opengaan
lege velden
resten kaardenbollen, waar

de paarsgewijze rozetten, vergroeid
in zwijgen, het zoemen gedogen –

Waarachtig!
in het oog van de distel
steekt een bloem

 

 

Bijdrage van Grietje

 

geen idee wie de maker is......

 

 

 

 
 
 
 
I'm standing in the shadow of our love
A little blinded for everything else
You should put your sunglasses on again, my friend
(It's love we're talking about)
And I shouldn't be lonely living this dream
 
You kissed me silently
Take us to places we have never been before
And I hush the thought that I've learned to ignore
That for you to mean everything could never satisfy
 
Maybe I knew this wouldn't last forever
Yet I kept on putting clouds together
 
And so we said our goodbye's
With but a quiver of your heart you let go of my hand
And ever so gently bestowed yours on somebody else
Made me believe that we could still be dearest
even now that your love didn't last
 
Maybe we grew up to grow apart
At night I sometimes forget you were here
As I let the moonlight wash away all my fears
Your loss is now growing everyday
Yes, your loss is growing every day now
 
Maybe I knew this wouldn't last forever
(air never sticks to air)
Yet I kept on putting clouds together
(air could fill up every void)

 

een bijdrage van I-ris

 

 

 

 

 

Overlevingsdrang



Grote leegte in haar hoofd
alleen een suizend geluid
Van woorden en beelden beroofd
krast ze met een mes in haar huid
Het gevoel dat de wond haar geeft
is voor haar het enige bewijs dat ze leeft

Lam geslagen door het leven
staart ze in de duisternis
Haar ziel lijkt weg te zweven
ze voelt dat het zover is
Ze duwt het mes tot op het bot
en kiest daarmee haar eigen lot

Maar samen met bloed druppelen tranen
Beelden verschijnen voor haar ogen
Woorden weten zich een weg te banen
tussen stemmen die haar hebben voorgelogen
De wil om te overleven wint
Voordat de dood haar vind

Maar voorbij is het nog lang niet
Want knagen blijft het eeuwig verdriet
Keer op keer zal zij moeten strijden
om niet voorgoed haar polsen door te snijden

Een bijdrage van ©Debby  

 

 

 

 

 

 

 

Thuis

 

Alsof je een plek bereikt.
Om je heen kijkt en weet
dat je thuis bent.

Een weiland, vergeten
langs duinen en bosrand,
iemand buigt tussen jou
en een feest - op zoek
naar de wijn, een gezicht
wordt zijn eerste woorden,
wat geschreven werd voor jou
door een nooit gevoelde hand.

Alsof je dit al kende
voor je het zag. Er geweest was
voor je er zou komen.

 

zo thuis

©Kees Spiering

Dit gedicht zegt alles voor mij, in meerdere betekenissen: thuiskomen........

 

 

Een bijdrage van Mirjam

 

 

Lay-out by Gadies.©om